Biografie
Ik ben geboren in Hardenberg en daarna opgegroeid in Hoogeveen, in de provincie Drenthe. Mijn vader kwam uit Friesland en mijn moeder uit Noord-Holland. Ik was hun tweede kind, mijn broer is drie jaar ouder, en mijn zus werd een jaar na mij geboren.
Het was een harmonieus gezin waarin mijn moeder zich bezighield met het huishouden en de opvoeding van haar kinderen, terwijl mijn vader vooral hard werkte als bedrijfsleider van een Zuivelfabriek.
Wij gingen eenmaal per jaar op vakantie, meestal kamperen, en in het weekend werd er gewandeld of waren er kleine uitstapjes. We gingen op zondag naar de kerk, maar sloegen steeds vaker over, totdat ik op een dag besloot niet meer te gaan.
Op de middelbare school droeg ik een oude spijkerbroek, liep op afgetrapte schoenen, weigerde naar de kapper te gaan en kocht meer boeken dan ik kon lezen. Ik speelde klassiek piano, maar praatte daar niet over, want mijn vrienden waren fans van de Beatles of de Stones. Mijn moeder speelde ook piano, mijn vader had een prachtige stem en werd later lid van het Hoogeveens mannenkoor.
Toen ik op mijn achttiende naar de Universiteit ging voelde dat als een ontsnapping uit een vertrouwde maar ook benauwende omgeving.
Na korte periodes in Delft en in London te hebben gewoond, ging ik Moleculaire Wetenschappen studeren in Wageningen. Ik nam pianolessen bij Steven Hoogenberk en interesseerde mij steeds meer voor literatuur, las veel bij vlagen, ontdekte af en toe een auteur van wie de woorden in mij resoneerden, zoals Anna Blaman, of Anais Nin, of Cesare Pavese. Ik studeerde fanatiek, tastte mijn talenten af, en worstelde met de vraag hoe ik mijn leven vorm moest geven. Of ik toch pianist moest worden, of schrijver, of onderzoeker.
Maar die beslissing werd niet door mijzelf genomen, het waren de omstandigheden die beslisten.
Ik werd geen schrijver en geen pianist maar wetenschapper, want daarvoor werd ik opgeleid, en dat soort banen werden aan mij aangeboden. Dus… dus koos ik mijn weg in het leven, zoals het smeltwater van de gletsjer zijn weg kiest naar de zee. Eerst werkte ik enige tijd als chemicus in een ziekenhuislaboratorium, en daarna kreeg ik een promotiebaan aan de Universiteit van Utrecht.
In die periode studeerde ik in de avonduren filosofie, omdat ik mijn onderzoekswerk bij nader inzien eenzijdig vond en steeds minder relevant.
Waarom ik destijds niet meer ben gaan schrijven? Er was iets in mij dat dat wilde, dat mij soms zo vastgreep dat ik bijna stikte, maar dan liet het weer los. Soms begon ik aan een verhaal, en kreeg het mij in zijn greep, maar dan las ik wat ik had geschreven en verscheurde het.
Ik kreeg een partner, accepteerde een baan bij een multinational waar ik carrière maakte, en reisde de wereld rond. Ik heb gedaan wat voor mij in de sterren stond geschreven.
Toch was er iemand anders diep in mij verstopt die op de deur bleef kloppen om eruit te mogen, die popelde om aan de slag te gaan.
Ik bleef met een zekere regelmaat lezen, dat wil zeggen, af en toe ontdekte ik een auteur die mij boeide en waarvan ik dan alles verzamelde wat ik kon vinden. Schrijvers die ik las waren Friedrich Nietzsche, Herman Hesse, Julian Barnes, V.S. Naipaul, Cees Nooteboom, en veel anderen. Later ontdekte ik ook de poëzie.
Naast mijn werk als biochemicus ben ik in de avonduren uiteindelijk gaan schrijven. Een roman, gedichten, korte verhalen en tenslotte fabels. Het was voor mijzelf, en het gebeurde bij vlagen. De behoefte om te schrijven was als een veenbrand die in mij smeulde en af en toe opvlamde. En wanneer ik schreef was ik op reis in mijn hoofd.
Mijn werk als biochemicus was weliswaar boeiend maar heeft mij nooit volledig in zijn greep gekregen. De belofte van de wetenschap (“begrijpen hoe iets in elkaar zit”) werd niet waargemaakt. In de wetenschap wordt niet begrepen maar beschreven hoe iets in elkaar zit. Dat is iets anders. Uiteindelijk heb ik mijn baan opgegeven om iets totaal anders te gaan doen. Schrijven, en dat is hetzelfde als denken, bij mij.
En uiteindelijk ging ik fabels schrijven. Het voelde alsof ik op een goudader stuitte die moest worden gedolven en ik kon niet meer stoppen.
Ik heb inmiddels drie bundels geschreven die bij uitgeverij Noordboek zijn verschenen.






